Georien Freeridetrip report

(Tekst by Hans Olivier, foto’s Irian van Helfteren)

20/21 Maart Dordrecht – Mestia
Ik waan me vandaag werkelijk een deelnemer aan Wie Is De Mol. Dat kan ook niet anders als de organisatie je de route Breda-Tilburg-Eindhoven-Venlo-Koblenz-Mannheim-Heilbronn-Ulm laat rijden en met de eerste Alpen in het vizier op een vliegtuig naar Kutaisi, Georgië zet. Op Allgau International Airport sla ik mijn medekandidaten gade. Bij het zien van al dat gore tex en die afgetrainde lijven dicht ik mijzelf serieuze kansen toe op (onbedoelde) molacties en daarmee verdachtmaking. Om 2.55 uur lokale tijd landen we in Kutaisi waar ik een dappere eerste poging doe om mijzelf verdacht te maken. De luchthaven is zó klein dat ik 30 meter na de toegangscontrole al in de rij voor de taxi sta i.p.v. de rij bij de bagageband. Na wat gebarentaal en gefronste wenkbrauwen mag ik van de douanier terug richting bagageband alwaar meer gefronste wenkbrauwen wachten. Alle bagage blijkt in 1x aangekomen en nadat we het busje hebben volgestampt vertrekken we richting B&B voor een paar uurtjes slaap.
Nadat een verschil van inzicht met de plaatselijke haan over de dageraad in mijn nadeel is beslecht maken we kennis met de Georgische keuken. Bratkartoffeln, een soort dim sum en kebab valt ons ten deel. Na het hartelijke afscheid vertrekken we richting onze eerste bestemming: Mestia in de noordelijke regio Svaneti. De tocht er naartoe heeft meer weg van een aflevering van Dangerous Roads dan van WIDM. De stoïcijnse chauffeur stuurt behendig en geduldig om de verschillende landslides heen en na 5 uur hebben we de ruim 200 kilometer overbrugd. Mestia is de regionale hoofdstad van Svaneti, een provincie in het noordwesten van Georgië. Koeien, varkens & honden domineren het straatbeeld. De stad ligt op 1.500 meter en is onze uitvalsbasis voor de komende dagen. Bij het indelen van de kamers blijk ik bij Georg & Tob

i, twee bevriende Duitsers, te slapen. De kans op een goed verbondje lijkt hiermee verdwenen; ik zal het op eigen kracht moeten doen. Tijdens het diner wordt de lokatie van de eerste groepsopdracht medegedeeld. Vanwege verwachte sneeuwval en slecht zicht

wordt het Hatsvali, een klein resort met 2 liften waarvan

de hoogste eindigt op Mount Zuruldi op ruim 2.300 meter. Hier kunnen we onder de boomgrens blijven. De programmamakers hebben het goed met ons voor: aangezien de lift pas om 10.00 uur open gaat mogen we uitslapen. Na de maaltijd in de woonkamer van bebaarde local Nick worden de eerste verbondjes gesmeed en besluit ik me terug te trekken om het slaaptekort wat aan te vullen.

 

22 Maart – Hatsvali
Na een onrustige nacht vol dromen over rode schermen en molacties leert een eerste blik naar buiten me dat het inderdaad bewolkt is. De moeder van Nick heeft zich buitengewoon uitgesloofd: een uitgebreid ontbijt én een lunchpakketje staan ons op te wachten. Het is nu al een zegen om de Georgische cultuur te mogen beleven. Ik ervaar de mensen als ontzettend gastvrij en het leven als puur. We verblijven veelal in dezelfde ruimte als de familie: een soort van grote woonkeuken voorzien van een kachel als spil. Deze zorgt voor warmte, er worden broden in gebakken, aardappels op gebakken, vuil in verbrand en kleding bij gedroogd. De ruimte is opgetrokken uit betonblokken en door de kleintjes (er leven 4 generaties in het huis) voorzien van muurtekeningen. Alles wat op tafel verschijnt wordt zelfbereid: brood, kaas, marmelade etc.
Hoe gezellig ook: the mountains are calling and we must go. Enigszins bevreesd door de beelden uit Gudauri stappen we in de stoeltjeslift. Die schijnt te zijn neergezet met steun van het Val Thorens gebied. Er zit vast veel geld en toekomst in de ontwikkeling van wintersport hier en daarmee stijging vh welvaartsniveau. Hopend dat dat niet ten koste zal gaan van de authenticiteit strap ik mijn bindingen vast voor een opwarm rondje over de piste. Opnieuw bovengekomen volgt de piepercheck en hierna gaan we het bos verkennen. Ik ben zelf vooral nieuwsgierig naar hoe mijn lijf het zal houden. Drie dagen voor vertrek had ik het lumineuze idee om mijn mountainbike van stal te halen. Een onbedoelde poging tot een front flip verder resteert een tamelijk pijnlijke schouder. Ik besluit om goed gecontroleerd te gaan rijden en hang 100 hoogtemeters lager om een boom heen gevouwen me af te vragen wat ik ook al weer besloten had. Gelukkig valt de schade mee en kom ik de rest van de run ongeschonden door. Omdat het warm is voelt de sneeuw vrij zwaar aan. Inmiddels is het opnieuw gaan sneeuwen: grote vochtige vlokken. Het zicht is tussen de bomen best te doen, al is het moeilijk te zien of er gemold wordt door andere kandidaten. In run 2 maak ik mijzelf wederom verdacht. Op het vrij vlakke en eenvoudige pad het bos uit lukt het me om meerdere keren te vallen. Als ik ook tijdens het steppen naar de lift val begin ik mijzelf verdacht te vinden. Inspectie van mijn snowboard wijst uit dat er een stuk belag van zo’n 10 centimeter losgekomen is. Einde van mijn activiteiten deze dag. Balend dat ik de rest van de groep nu niet meer kan observeren nestel ik mijzelf met een Natakhtari (Georgisch biertje) bij de open haard. Elk nadeel heeft zijn voordeel. De rest van de middag sneeuwt het continue en de verhalen over de toch wel lekkere tree runs neem ik voor lief; het is mijn reisgenoten gegund. Teruggekomen bij local Nick belanden we in een acute panieksituatie: een varken is de tuin binnengeglipt en ploegt deze driftig om. Met vereende krachten wordt hij de straat op gejaagd en keert de rust terug. Vrij snel na het avondmaal geeft de stroom er de brui aan. Ook dat heeft zo zijn charme: geen halve liters bier en Hansi Hinterseer maar met thee en hoofdlampjes om de kachel heen. ‘s Avonds in bed analyseer ik de dag en kom ik tot de conclusie dat ik twee mol verdachten heb: Jochen (want de enige skiër in de groep en daarmee sowieso verdacht) en de wel erg enthousiaste en fanatieke tailguide Eike. Maar: uitkijken voor tunnelvisie natuurlijk!

web P1010463 Kopie.jpg23 Maart – Hatsvali
Mweh……tot laat in de avond heeft het gesneeuwd maar vanochtend blijkt het in Mestia te regenen en zit het potdicht. Desondanks besluiten we omhoog te gaan om bovenin Hatsvali de situatie te bekijken. Er ligt veel verse, maar natte/zware sneeuw. Daarnaast zit er een flinke gele gloed in: nooit eerder zag ik zoveel yellow snow. Ik dacht dat de Sahara in Afrika lag maar dat is een leugen; hij ligt in Georgië. We maken een korte hike en droppen weer in het bos in. Bij goede losse poeder moet het hier fenomenaal zijn: bossen van verschillende dichtheid met gullies en pillows all over the place. De sneeuw is echter zwaar en klonterig. Na vier runs zijn we doornat en houden we het voor gezien. De honden die ons bij elke hike en afdaling begeleid hebben kijken ons teleurgesteld na als we ons in de bar bij de open haard nestelen. Na wat te zijn opgedroogd besluit ik naar de shop te gaan waar ik mijn splitboard heb afgegeven. De eigenaar verteld me dat hij de reparatie niet kan doen en mijn board heeft afgegeven bij ‘snowboard sensei’. Oh, oké. Fingers crossed dan maar. Gelukkig heb ik mijn Powfinder nog bij me. Ook ik ben er lyrisch over. Ik ben maar vijf keer per run gevallen en met elk ander board zou dat ongetwijfeld het dubbele aantal zijn geweest. Eenmaal terug in ons gastenverblijf houdt de stroom het 30 minuten vol. Geestig hoe snel ik iets wat in Nederland volkomen vanzelfsprekend is binnen twee dagen zo kan gaan waarderen. Gezien onze drijfnatte kleding hoop ik dat de Georgische Nuon snel een oplossing vindt. Na de avondmaaltijd legt Irian ons de opties voor de komende dagen voor. Door alle vochtige sneeuw en regen ziet het er niet goed uit en gezien de forecast (regen en hoge temperaturen) is morgen een downday. Ushguli, een commune van vier dorpjes die zijn aangewezen als Unesco werelderfgoed en een bestemming in ons programma, is volledig afgesloten van de buitenwereld. Resterende opties voor overmorgen:
Een voorzichtige verkenning van Tetnuldi. Een resort met 4 liften tussen 2.200 en 3.100 meter en uitzicht op Mount Tetnuldi (4858 meter). Een tour naar de Cloud Base hut, een recent geopende onbemande hut in de fraaie omgeving van de Koruldi meren. We schuiven de beslissing voor ons uit naar morgen en gaan het Mestiaanse nachtleven verkennen. De Georgiërs houden wel van een alcoholische versnapering dus mogelijkheden genoeg. We volgen Eike naar Buba en ontmoeten er tipsy Russen, chacha drinkende locals en beteuterde heliskiërs. Na 2 biertjes en 1 stroomuitval die juichend begroet wordt houden we het voor gezien. In bed bedenk ik me dat een downday meerdere voordelen heeft. Stiekem ben ik toch vooral een bluebird boarder. En morgen zullen we gezamenlijk wat andere activiteiten ontplooien waardoor ik iedereen goed kan observeren. Mol, je bent gewaarschuwd!

web P1010466 Kopie.jpg
web P1010470 Kopie.jpg

web P1010623 Kopie.jpg
24 Maart – Downday
De dag start hoopvol. Als Tobi, Georg en ik uit het raam kijken blijkt het droog en de bewolking is een stuk dunner. Zouden we dan toch….. Zodra we buiten zijn weten we beter. Het beperkte zicht op de nabijgelegen bergen wordt gedomineerd door yellow snow en natte sneeuwlawines. Hier op 1.500 meter is alle sneeuw weggeregend. Langzaam druppelt iedereen binnen en neemt plaats aan de ontbijttafel, met uitzondering van Eike. Verdacht! Later blijkt hij gezwicht voor de chacha verleiding. Na het ontbijt slenteren we het stadje in op zoek naar het Nationaal Museum. Georgië heeft geografisch gezien een strategische ligging en daarmee een rijke historie opgebouwd. Als we het museum na anderhalf uur uitstappen regent het opnieuw. We kijken nu toch iets mistroostiger naar het grijze wolkendek en duiken de Sunseti in voor een lunch, met uitzondering van Andi die zich niet goed voelt en zijn bed opzoekt. Of is dat een façade voor mollenstreken? I’m watching you Andi. Tijdens de lunch oppert de inmiddels ook ontwaakte Eike om een nabijgelegen Gletsjer te bezoeken. Dat plan wordt enthousiast ontvangen maar kan een half uurtje later alweer de prullenbak in. Het regent dan als een malle en ook de weg naar de gletsjer blijkt onbegaanbaar zodat we minimaal een uur moeten lopen van de plaats waar de auto’s ons kunnen droppen. De lichte teleurstelling spoelen we weg met een kop uitstekende koffie bij Erti Kava. Er is hier geen echte koffiecultuur maar het barretje van de Oekraïense eigenaresse kan concurreren met de Italianen zo constateren we. Ik besluit om de snowboard sensei met een bezoek te vereren en ben aangenaam

web P1010848 Kopie.jpgverrast: het board ziet er weer als nieuw uit. Na een powernap keren we terug in de koffiebar die ook dienstdoet als bioscoop en installeren we ons voor The Darjeeling Limited, een wat absurdistische speelfilm. Het regent nog altijd onophoudelijk als we onze private cinema verlaten. Een wat vreemde dag zo, maar de moraal in de groep is zeker niet gebroken.

 

25 Maart – Tetnuldi
Bam! Vandaag moet het worden. Het is droog en we hebben besloten om naar Tetnuldi te gaan. De dallift start er op 2.200 meter, fingers crossed dat het niet tot op grote hoogte geregend heeft. De weg er naartoe is een belevenis op zich. De asfaltweg is bezaaid met keien en af en toe een flinke landslide. De laatste 5 kilometer is onverhard. Door het weer van de afgelopen dagen ziet de weg er onbegaanbaar uit maar onze chauffeurs verblikken of verblozen niet en na 45 minuten arriveren we bij de lift. Om 10.00 uur (de officiële openingstijden van de liften hier) staan we met zo’n 40 mensen vol verwachting klaar. Geen enkel teken van leven en geen stoeltje te zien. Mmmmm. Dan komt de lift operator naar buiten. Hij kruist zijn armen en bromt ‘Hatsvali’. De situatie erna laat zich het beste omschrijven als ‘De Witte Revolutie’. Één van de aanwezigen reageert furieus op de aankondiging van de operator en eist bewijslast waarom de lift niet geopend kan worden. Het antwoord ‘Frozen lift cables’ wordt niet geaccepteerd. Begeistert zweept hij zijn toehoorders op en met gebalde vuisten worden de woorden ‘I want ski’ uitgespuugd. Dat lijkt effect te hebben: de operator bromt ’10 minutes’ en scheurt vervolgens met een sneeuwscooter de hoogte in. Vol spanning wachten we af en Eike maakt gebruik van zijn lokale contacten. Maar Nee blijft Nee. Plan B dan maar: over de piste omhoog touren. Net als we de vellen geplakt hebben en de stokken in de sneeuw staan horen we een luid gejuich achter ons. Twee piste bullies verschijnen ten tonele. Viva la revolution! Iedereen spoedt zich naar de bullies en zo komen we uiteindelijk toch nog boven. Daar blijkt het stevig te waaien. Hoge temperaturen, sneeuw, regen, wind, saharazand….. ik ben blij om gegidst onderweg te zijn in deze complexe omstandigheden. We bouwen terug om en maken een afdaling. De toplaag voelt lekker aan. Geen heupdiepe pof maar gewoon een prima vers laagje. Opnieuw valt het me op hoe speels het terrein hier is. Beneden bouwen we weer om en nu komt skiër Jochen goed van pas: sporen maar (heeft hij overigens weinig aansporing voor nodig). Onderweg omhoog graven we een profiel; fijn dat de hele groep óók geïnteresseerd is in het safety aspect. We maken ter afsluiting nog een afdaling terug naar de Tetnuldi hut waar onze 4×4’s alweer klaar staan. Terug in Mestia hebben we na 5 dagen voor het eerst een echt blauwe hemel en onbelemmerd uitzicht. Wát een terrein ligt hier. ‘s Avonds bij het eten zie ik tevreden gezichten. Weliswaar slechts twee afdalingen maar hé: we zijn lekker bezig geweest! Na het avondeten wandelen we naar het Tetnuldi hotel. Hier zijn we verzekerd van stroom (generator) en WiFi om weer nieuwe plannen te maken. De forecast is kak. Morgen nog acceptabel met bewolking en lichte sneeuw maar daarna stijgt de nulgradengrens naar 3.000 meter en gaat het weer dagen regenen. De opties die we al brainstormend bedenken zijn Gudauri, sightseeing Georgië of de vlucht omboeken en naar Oostenrijk. Oostenrijk???? Ja, Oostenrijk. Deze dag neemt echt vreemde vormen aan. Zou de mol voor het Tourismusverband in Arlberg werken?
Gudauri valt al snel af vanwege de vergelijkbare omstandigheden. Uiteindelijk gaan we morgen nog een dag in Tetnuldi cruisen (er is ons verteld dat de liften dan open gaan) en daarna proberen om de vliegtickets om te boeken. Persoonlijk vind ik het een treurig idee; Georgië bevalt me uitstekend ondanks het gebrek aan poeder. Aan de andere kant begrijp ik de overige kandidaten wel. We legen onze flessen Natakthari en wandelen door het donkere, stroomloze stadje terug naar onze slaapplaats.
web P1010815 Kopie.jpgweb P1010857 Kopie.jpgweb P1010878 Kopie.jpgweb P1010897 Kopie.jpg
web P1010914 Kopie.jpg26 Maart – Tetnuldi
Auto 1 met daarin Irian, ikzelf en nog twee andere gasten uit het verblijf van Nick rijd direct naar Tetnuldi. In Mestia verliezen we auto 2 uit het oog; deze maakt een tussenstop bij onze WiFi stek. De mol heeft het voor elkaar: er is verwarring. Team Duitsland blijkt een vlucht voor morgen te hebben geboekt. Kris (de andere Nederlandse kandidaat), Irian en ik nog niet. Omdat we alles uit deze dag willen halen besluiten we als we terug zijn te kijken naar de resterende tickets. Twee van de vier liften gaan vandaag wel, het weer is redelijk en het sneeuwdek verder gestabiliseerd wat ons de mogelijkheid geeft om meters te maken. Poederstress is hier werkelijk een afwezig fenomeen dus we kunnen in het gebied drie runs fresh tracks zetten waarna we ombouwen en omhoog vellen naar het hoogste punt in het gebied op zo’n 3.200 meter. Als je overigens écht meters wilt maken ga dan toch vooral niet naar Georgië want alles gaat in een lagere versnelling zo ook de liften. Inmiddels trekt het toch weer dicht en begint het opnieuw te sneeuwen. Boven trekt de wind flink aan. De natuur boezemt me op zulke momenten wat angst in en met enig ongeduld in mijn lijf wacht ik tot iedereen omgebouwd heeft. Weg hier. We hebben een lange afdaling in het vooruitzicht want we hebben met onze chauffeur afgesproken in het gehucht Zhubeshi. De eerste hoogtemeters rijden we meer dan acceptabele poeder in een heerlijk open veld en hier is de wind gelukkig al snel weer verdwenen en zakt mijn stress level. Naarmate we lager komen wordt de sneeuw als vanzelfsprekend zwaarder en we volgen lange tijd een nauwe doorgang langs een riviertje dat we meerdere keren door middel van een sneeuwbrug kruisen. In dit voor mij moeilijk bedwingbare terrein is het een genot om te zien hoe Irian schijnbaar moeiteloos en gebruikmakend van de natural obstacles naar beneden rijdt. Ook ik kom er zonder kleerscheuren en valpartijen doorheen. Het volgende stuk is zo mogelijk nog interessanter. De toplaag hier wordt gevormd door de saharadump. Ik heb het gevoel alsof ik door de Drunense Duinen glij. We passeren twee vriendelijke soldaten die iets volkomen onduidelijks aan het doen zijn en stoppen bij de auto’s die ons volgens Eike ‘somewhere in cowshit’ opwachten. Eike was right….Teruggekomen in Mestia blijkt dat de vlucht van morgen naar Memmingen vol zit. Daarnaast blijkt ook dat de weg naar Ushguli geheel tegen de verwachting in open is. Kris, Irian en ik besluiten dat we naar Ushguli willen gaan nu we sowieso geen tickets meer kunnen boeken. Na een avond wikken en wegen besluit Team Duitsland ook mee te gaan en het oorspronkelijke schema aan te houden. Eike slaat aan het regelen terwijl de rest de tassen pakt. Morgen 8.00 uur abfahrt.
web P1030059 Kopie.jpg
27 Maart – Ushguli
Met onze spullen voor de komende 2 dagen vertrekken we richting Ushguli, naar verluid het hoogstgelegen permanent bewoonde dorp van Europa. Al heb ik hier geen moment het gevoel dat ik in Europa ben. Ik waan me eerder een reisgenoot van Floortje in “Naar het einde van de wereld”. De 42 kilometer naar Ushguli bestaat voor meer dan de helft uit onverharde dirt roads. Gezien de eerdere berichten over de deplorabele staat vd weg kijk ik er niet ontzettend naar uit maar het blijkt mee te vallen en na ruim 2 uur rijden we het dorp binnen. In de laatste klim moet de chauffeur van de auto voor ons zich gewonnen geven. De onze neemt net een aanloop als zijn telefoon gaat. Al bellend bedwingt hij ook de laatste, schier onneembare horde naar ons verblijf voor de komende dagen. Respect! Voor de afwisseling sneeuwt het weer eens. We brengen onze spullen binnen en drinken koffie & thee bij de familie. De Engelse sprekende dochter is er niet waardoor de communicatie zich beperkt tot ‘madloba’ (dankjewel). Na te zijn opgewarmd bouwen we om en splitten we door de vier kleine gehuchtjes in het dal heen. Een surrealistische ervaring, al dat gekleurde gore tex in een omgeving waarin het aannemelijk lijkt dat je elk moment onthoofd kunt worden door een Targaryen of Lannister. Na foto’s te hebben geschoten besluiten we om een vallei in te vellen die er op het eerste oog wel aantrekkelijk uitziet. Al snel stuiten we op een natte sneeuwlawine tot wel 15 meter hoog. We passen onze route wat aan en touren het linkse gedeelte van de vallei in. De zon laat zich zowaar even zien maar als we bovenop de rug zijn is het weer bewolkt en begint het zelfs te onweren. Ik voel me hier geenszins op mijn gemak. We bouwen rapido om en dalen over de rug af. De sneeuw is flink nat. Beneden gekomen loopt een deel van de groep over de weg terug naar ons onderkomen terwijl een ander deel de vellen weer onder de splitboards doet. De zon gaat weer schijnen waardoor we wat mooie plaatjes kunnen schieten in de dorpjes. Qua verticals en sneeuw was het niet spectaculair maar ik ben zwaar onder de indruk van de omgeving en blij dat we hier zijn in plaats van in de Arlberg. Eike had ons vooraf beloofd dat het eten in ons onderkomen (Angelina) geweldig zou zijn en hij heeft geen woord teveel gezegd. Daarna wordt het plan voor de volgende dag gesmeed. Omdat het weer tussen 11.00 uur en 13.00 uur nog het beste lijkt besluiten we om 7.00 uur te ontbijten zodat we op tijd omhoog gaan en een afdaalwindow hebben. Ik was net zo gewend aan de liften die om 10.00 open gaan en duik dus maar snel in mijn mandje.

web P1030381 Kopie.jpg
web P1030089 Kopie2.jpgweb P1030148 Kopie.jpg
28 Maart – Ushguli
Ik word wakker met een vreemd gevoel. Ik denk dat ik vandaag de mol aan het werk ga zien! Ik schiet in mijn kleren en snel me naar de ontbijttafel. Doel van de tour van vandaag is een tweetal topjes achter ons verblijf op zo’n 2.700 meter en 3.100 meter. Ushguli heeft geen liften, alles gaat hier by fair means. We kunnen vanaf Angelina splitten. Ook weleens geinig om in je slaapkamer om te bouwen. Buiten gekomen is het weerbeeld onveranderd. Beperkt zicht en lichte sneeuwval. Naarmate we stijgen wordt het zicht slechter en mijn gemoedstoestand minder. Na zo’n 500 hoogtemeters besluit Irian dat we vanwege het zicht ombouwen en afdalen. Omstreeks 10.30 uur zijn we weer beneden en voel ik me weer oké. We gaan een kop thee drinken in ons verblijf. Als ik in mijn slaapkamer kom om me om te kleden kijk ik in de spiegel en zie….. de Mol! Ik hou mezelf voor de gek. Sinds een lawineongeluk dat ik meemaakte eind 2016 probeer ik antwoord te vinden op de vraag wat de impact is van die ervaring op mijn leven in het algemeen en het freeriden in het bijzonder. Stukje bij beetje ben ik de bergen weer in gegaan. Hikend en bikend in de zomer en daarna weer in de winter, op en naast de pistes. Ik dacht lange tijd dat ik het achter de rug had en alles weer was zoals voorheen. Maar zowel tijdens SSC3 in februari als deze trip kom ik erachter dat ik een veel sterkere (stress)reactie heb op situaties in het terrein die ik gevoelsmatig als onprettig ervaar. Ik geef hier, aan het spreekwoordelijke einde van de wereld, deze gevoelens de ruimte. En ik weet waar ik aan toe ben: JA zeggen tegen simpel en wat uitdagend terrein bij goede weers- & sneeuwcondities en NEE zeggen tegen al het andere. Beperk ik mijzelf daarmee? Ja, absoluut. Voelt het goed? Ja, absoluut!!
Ik sluit aan bij de groep, drink thee en slenter daarna mee door het stadje. We bezoeken het huis van de getormenteerde kunstenaar Fridon Nijaradze. Hij is er zelf niet maar tegen een kleine vergoeding verleent zijn broer ons toegang. Als we terugkomen om een middagtour te maken besluit ik beneden te blijven. Ik realiseer me dat ik mezelf hiermee verdacht maak maar vind ook dat OK. Ontmasker me dan maar. Hopend dat de groep het voorspelde window alsnog krijgt nestel ik me met een boek op de bank. Als ze terug zijn hoor ik dat ik een aantal hoogtemeters goede sneeuw op noord heb gemist, maar ook het afdalen over een oude lawinekegel. Ik heb geen spijt; het is goed zo. Met een rustig gemoed glij ik die avond in dromenland.web P1030864 Kopieb Kopie.jpg

web P1030170 Kopie.jpgweb P1030362 Kopie.jpgweb P1030748 Kopie.jpg

web P1030286 Kopie2 Kopie.jpg

 

 

 

 

 

 

 

 

29 Maart – Mestia
Gezien de weersverwachting (regen en warmer) is het plan om vandaag tijdig terug te rijden richting Mestia om te voorkomen dat we het dal niet meer uitkomen. De chauffeurs arriveren een uur na de ETA. Uit het stonecole english maak ik op dat ze de weg 2x hebben moeten vrijmaken; dat belooft alvast veel goeds. Het eerste deel moeten we sowieso lopen omdat het te steil en modderig is. Als we instappen zet onze chauffeur het entertainment systeem aan. Daar rijden we dan: door een Game of Throne achtig landschap in de gietende regen…. met Enrique Iglesias uit de speakers. Dit verzin je gewoon niet! De muziek wordt hierna alleen nog maar slechter en de weg óók. Onze montere man achter het stuur trekt zich hier weinig van aan zo lijkt het. Hij vertelt vrolijk over de geschiedenis, cultuur en natuur van de Svaneti regio. Aan het einde van het dal zal ik van elk gehucht de huidige status kennen. “Hadishi: 15 house, 12 family, 4 church, 4 tower”. Ondertussen kijk ik met in elkaar gevouwen zweethanden uit het raam naar de ons omringende bergen. We moeten door een schlucht heen waar de modderweg smal is en het ravijn diep. Ik zou er bijna bij gaan bidden. Als we de meest tricky stukken naderen prevelt onze stuurman ‘please no avalanche’ gevolgd door ‘danke schön’ als we er voorbij zijn. Twee keer moeten we stoppen om stenen van de weg te ruimen waarbij ik de heldhaftige rol van fotograaf op me neem en één keer wachten we tot het puin stopt met glijden. Ik ben benieuwd waar deze autorit op de micromort lijst zou eindigen en voorspel een goeie klassering. Als we het dal uit zijn slaak ik een zucht van verlichting. Overmorgen hoeven we alleen de terugrit naar Kutaisi nog. O ja…. dat is de weg waar een Duits koppel dat we eerder spraken met auto en al door een bulldozer uit de drek getrokken is. Maar OK, wie dan leeft wie dan zorgt.
In Mestia aangekomen laden we onze gear uit en laten we ons in het centrum droppen voor de lunch. Daarna gaat ieder zijn weg. Het regent nog altijd tot op grote hoogte dus de berg op is geen optie. Tegen 19.00 druppelt (haha) iedereen binnen bij Erti Kava en kijken we ter afsluiting van de dag de film Coffee & Cigarettes. ‘s Nachts word ik vier keer wakker van de kletterende regen op het golfplaten dak. Boy o boy wat hebben we een pech met het weer. Tailguide Eike is hier al een maand. De drie weken vóór onze aankomst was het goed en de forecast voor zaterdag (onze vertrekdag) ziet er ook goed uit. Zeus is ons kennelijk niet gunstig gezind.

 

 

 

 

 

30 Maart – Tetnuldi
De laatste snowboard dag vandaag. Ik heb stiekem wel zin om naar huis te gaan. De trip was op meerdere manieren best wel intens; ik kijk uit naar mijn natuurlijke habitat. Het lijkt sowieso wel een beetje een slijtageslag. Tailguide Eike is ziekjes en mijn Duitse roomie Tobi past ook voor vandaag. Ik heb zelf ook die neiging gezien de toorn van Zeus maar besluit me voor 1x te vermannen . Ik kan altijd nog bier gaan drinken in de Tetnuldi hut. Tetnuldi is dus de bestemming van de laatste dag. We rijden weg in de miezer maar naarmate we stijgen gaat de regen over in sneeuw. Als boven de regen van vannacht in poedervorm gevallen is dan hebben we een snorkel nodig! Als we aankomen blijkt de lift nog niet te draaien. De ook aanwezige local Nick weet te melden dat dat binnen een half uur alsnog gebeurt. Gezien de eerdere uitwisseling met de sneeuw autoriteiten ter plaatse wordt er hardop getwijfeld of we wachten of toch omhoog vellen. Democratisch wordt het laatste besloten en verdampt mijn koffietje. Het is een lange en vlakke blauwe piste die we oplopen. De sneeuw gaat over in regen en de lift gaat dit keer wel zoals voorspeld draaien. Als de eerste gevulde stoeltjes me passeren en ik de meewarige blikken uit de lift zie vervloek ik het concept van democratie. Een Moldictatuur lijkt me wel wat. Boven gekomen is het zicht niet je van het. Er is zeker wat nieuwe poeder gevallen, dat dan weer wel. We bouwen om, doen de laatste piepercheck van de trip en duiken de off piste in. Door de lijnen van mijn voorgangers ontstaat er toch wat zicht / diepte. Lekker zeg! We rijden vrijwel zonder te stoppen door naar de lift en herhalen dit tafereel 3x. Het zicht is zowaar ook nog sterk verbeterd. Dit kan zomaar eens de lekkerste dag van de trip worden! Irian oppert het idee om een element te bouwen in een gully dat enthousiast ontvangen wordt. Omdat ik nog altijd niet op mijn schouder kan liggen/slapen sla ik hem even over en hanteer de filmcamera. Iedereen springt 2x en er is dikke pret. We stoppen tussendoor voor een snelle lunch en benutten de dag uiteindelijk maximaal. Voor de laatste keer rijden we de hobbeldebobbelweg van Tetnuldi naar Mestia. Ondanks de zin om naar huis te gaan bekruipt me toch een weemoedig gevoel want het land en haar inwoners zijn me uitstekend bevallen. Jammer dat we het volle potentieel van de regio Svaneti niet hebben kunnen benutten en de vijfduizenders niet hebben gezien. Maar ook dat hoort bij het exploren. ‘s Avonds sluiten we dan zelf maar eens af met de lokale alcoholische lekkernij genaamd chacha.

31 Maart – Dag 11
Op de laatste dag is de nevel niet alleen zichtbaar, maar ook voelbaar. In het hoofd. Gevaarlijk spul, chacha. Het laatste stevige ontbijt draagt vast bij aan een snel herstel. Omstreeks 9.30 uur worden we opgehaald. Met een vlucht om 20.30 uur ’s avonds en een geprognotiseerde reistijd van zo’n zes uur kunnen we het rustig aan doen, maar onze tot chauffeur omgedoopte communistische kamikazepiloot denkt daar heel anders over. Ondanks een uitgebreide lunchpauze staan we om 15.30 uur met alle gear op de luchthaven. In Kutaisi is het een stuk warmer dan in Mestia. Het lome lentegevoel zorgt ervoor dat de tijd toch redelijk snel verstrijkt. In de namiddagzon drinken we een laatste Natakhtari en toasten we op een veilige afloop van ons avontuur. Als ik na een reis van 25 uur (Mestia – Dordrecht) mijn voordeur open en de lichtschakelaar betast……weet ik dat ik thuis ben.

web P1010815 Kopie.jpg